Mag de deurwaarder zomaar vragen of iemand bij mij werkt?

Een goede vriend van mij is een aantal jaren geleden gescheiden en moet allimentatie betalen.

Wegens omstandigheden kan hij dit niet, voor alle duidelijkheid hij is een vriend van mij, hij werkt niet voor mijn bedrijf en heeft dit ook nooit gedaan.

Tot mijn verbazing stuurt een deurwaarder mij een brief waarin zij vermoed dat hij bij mij een dienstverband heeft, graag willen ze hier info over. Oke, tot zover nog niets aan de hand maar voor het gemak hebben ze het hele dossier ook maar gelijk meegestuurd met vonnis, rapporten van officiele instantie`s zoals een psychiater en een reclassering terwijl ze ten eerste niet eens zeker weten of hij bij mij werkt, ten tweede vind ik zulke prive informatie niet bij mij op het bureau hoort te liggen of hij nou wel of niet bij mij werkt!

Vandaag nr. 2 ontvangen, een werknemer van een collegabedrijf van mij die in het zelfde gebouw zit, de vraag of hij bij mij werkt, wat hij verdient enz maar ook weer een compleet vonnis met alle verhalen/narigheden erbij? zonder dat ze eerst de vraag hebben gesteld of iemand uberhaupt bij me werkt.

Mag dit zomaar? Vind het toch erg ver gaan, zelf al zou iemand bij mij werken maar om zomaar deze info te verstrekken terwijl iemand niet bij mij werkt?

Op basis van art. 475 g lid 3 Rv is een deurwaarder bevoegd om de betreffende informatie aangaande loon of uitkering en dergelijke te bevragen bij degene van wij hij vermoed dat deze die aan de schuldenaar dient te voldoen doorgaans de werkgever of uitkerende instantie, hierna: de derde).

De derde is verplicht deze gegevens schriftelijk te verstrekken. Doorgaans is de deurwaarder al bekend met de werkgever of uitkerende instantie omdat hij die gegevens reeds bij het UWV elektronisch kan bevragen.

De reden dat de gerechtsdeurwaarder de nadere informatie opvraagt is om te beoordelen of een beslag onder de derde, ten laste van de schuldenaar, wel zinvol is. Het niet leggen van een anders zinloos beslag bespaart de deurwaarder en de derde immers veel werk en de schuldenaar geld.

Voor de aanvraag is overlegging van verdere bescheiden niet noodzakelijk, vermelding in de brief van het vonnis en de datum van betekening is voldoende.

Bij het leggen van het daadwerkelijke beslag, verplicht de Wet in art. 475 lid 2 Rv dat een afschrift van de titel uit krachte waarvan het beslag wordt gelegd, dient te worden meebetekend.

Comments are closed.